Een opinieartikel uit 2015 maakt duidelijk dat Baudet al jaren bezig is met het uitwerken van een fascistische agenda voor onze tijd.

In een in december 2015 verschenen opinieartikel in het Franse tijdschrift Valeurs Actuelles vergelijkt Thierry Baudet expliciet ons tijdsgewricht met de situatie aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog: “Lijkt ons tijdperk niet verschrikkelijk op het interbellum? (…) Als wij dit punt bereiken waarop er geen weg meer terug is – en niemand weet waar dat punt zich precies bevindt – zullen wij voor dezelfde duivelse keuze komen te staan waarmee Europeanen in dat decennium werden geconfronteerd: leven in slavernij of ten strijde trekken, wetend dat in beide gevallen [mijn cursivering, JL] de vrede vervliegt en de democratie ten onder gaat. We moeten dus nu radicaal handelen.”

Hier zien we al het thema dat we ook in latere Baudettoespraken terugzien: de idee dat ‘wij’ (u en ik blijkbaar ook) voor een soort ‘eindstrijd’ staan. Die eindstrijd is, daarover mag geen misverstand bestaan, een gewelddadige botsing (“de vrede vervliegt”). Ronduit sinister is dat hij hierbij lijkt te accepteren dat de democratie zelf het eerste slachtoffer wordt van dit conflict. Dat alleen niet nader door hem omschreven ‘radicaal handelen’ kan voorkomen dat dit punt bereiken waarop hij bereid lijkt de democratie op te offeren, stelt daarbij bepaald niet gerust.

Het dilemma zoals Baudet dat formuleert, ontleent hij aan een buitengewoon dubieuze bron: de omstreden want virulent antisemitische roman Gilles van de Franse fascistische auteur Pierre Drieu la Rochelle. Baudet negeert het antisemitische karakter van de roman volledig (hij omschrijft het als een “beroemde roman” – beroemd in extreemrechtse kringen wellicht?). De keuze van de gelijknamige hoofdpersoon van de roman is er een voor strijd, en tegen de vrede. Baudet vat deze keuze als volgt samen: “Elke dag, als het alarm afgaat, strijden we tegen onze slapheid. Elke dag vinden in ons lichaam hele veldslagen plaats, ontelbare aantallen bacterien worden vernietigd. Alles in dit leven verwezenlijkt zich door middel van strijd. Hij die niet strijdt, sterft. En dan zouden wij moeten willen dat onze samenleving tegen elke prijs ‘de vrede’ nastreeft?”

Voor alle duidelijkheid: in de roman staat de slapheid voor de liberale democratie en het experimentele in de moderne kunsten. De bacterien staan voor Joodse karakters die in de verhaallijn hoofdverantwoordelijk zijn voor het door Drieu la Rochelle vermeende morele en culturele verval van de Franse vooroorlogse republiek. De keuze tegen de liberale democratie en de vrede is, zoals Baudet in het artikel ronduit toegeeft, een keuze voor het extremisme: “Gilles kan dit idee [dat onze samenleving tegen elke prijs de vrede nasleept, JL] niet accepteren en kiest, net als zijn maker Drieu la Rochelle, voor het fascisme.” Het is een verklaring die om onderstreping vraagt: de keuze die Baudet ons vandaag voorhoudt, en die volgens hem dezelfde is als die in het interbellum, is dus in wezen die tussen liberale democratie en fascisme.

Als we dit artikel lezen als een soort programmatische verklaring, valt alles wat hij daarna heeft gezegd en geschreven keurig op zijn plek. De verwerping van de culturele en politieke erfenis van de Franse Revolutie, met name liberalisme en socialisme. De rassentheoretische verhalen. De dramatische verklaringen over hoe het twee voor twaalf zou zijn voor onze beschaving, dankzij de dreigende “Afrikanisering” en de “etnische en culturele gevolgen van massaimmigratie” – de “vijandige elementen die in ongekende aantallen ons land worden binnengeloodsd” (hij noemt ze nog net geen bacterien) leidend tot “homeopathische verdunning met alle volkeren van de wereld, zodat er nooit meer een Nederlander zal bestaan.” De waarschuwing dat we “kapot worden gemaakt door de mensen die ons juist moeten beschermen.” En de verwijzingen naar het “boreale Europea” dat wat hem betreft “dominant blank” moet blijven.

De keuze van Gilles is de keuze van Baudet. En net als bij Drieu La Rochelle leidt die bij Baudet tot een keuze tegen de liberale democratie, en voor het fascisme. Over de vraag hoe wij als gemeenschap met dit gegeven om moeten gaan, kan nog gedebatteerd worden. Maar de feiten zijn wat ze zijn. Laten we er dus niet meer omheen praten: de grootste partij bij de recente Provinciale Statenverkiezingen wordt geleid door een fascist.