Na twee televisiedebatten bij RTL, was het op de avond voor de verkiezingen de beurt aan de NOS. Acht partijen gingen in duo’s met elkaar in debat, waarbij iedere deelnemer een onderwerp mocht aandragen. Voor het werkelijke debat begon, mochten een aantal kleinere partijen nog een zegje doen. DENK-lijsttrekker Kuzu zei daarvoor af omdat hij niet in debat wenste te gaan met de in zijn ogen racistische Jan Roos.

Het debat heeft voor de zwevende kiezer weinig nieuwe inzichten opgeleverd. Inhoudelijk was het weinig meer dan een uitwisseling van de standpunten die we al langer kennen van de verschillende partijen. Toch zat er bij vlagen wel degelijk vuur in het debat en wellicht heeft dat een groot aantal kiezers toch van gedachten laten veranderen.

Een van de opvallendste zaken was het temperament van Lodewijk Asscher. Bij eerdere debatten was de PvdA-lijsttrekker een muurbloempje, maar in zijn debatten tegen Wilders en Roemer werd de vicepremier zowaar boos. Dat boos worden stond hem echter behoorlijk potsierlijk. Inhoudelijk raakte hij gevoelige snaren, maar het deed er weinig aan af dat hij soms een beetje voor gek stond. De PvdA gaat vermoedelijk geen zetels terugwinnen dankzij dit slotoffensief.

Nog opvallender was misschien wel een behoorlijk gênant moment voor Sybrand Buma. De CDA-voorman kwam slecht uit zijn woorden in een confrontatie met Alexander Pechtold. ”Wat lief” stamelde hij, toen Pechtold op enigszins arrogante wijze zijn eigen politieke loopbaan stond voor te dragen. Het deed, zoals Pechtold direct opmerkte, sterk denken aan het ”wat kijkt u lief”-moment van Jan-Peter Balkenende. Het was pijnlijk om te zien.

De verrassing van de avond was wat mij betreft Gert-Jan Segers van de ChristenUnie. Zijn partij mag niet vaak mee doen aan grote debatten, maar zowel retorisch als inhoudelijk verraste hij vriend en vijand met een sterk optreden. Mij zou het niets verbazen wanneer de CU door dit debat een extra zetel in de wacht sleept.

Premier Rutte  maakte geen fouten, maar viel ook niet buitengewoon op. Dat zal vermoedelijk ook de bedoeling geweest zijn. De VVD-lijsttrekker profileert zich als de minister-president die hij is, en niet als een felle debater. Dit kan werken, maar het valt voor de VVD te hopen dat Rutte hierdoor bij vlagen niet iets te onopvallend is geworden. Desondanks mogen we hem samen met de verbaal sterke Klaver en Segers rekenen bij de winnaars van het slotdebat.