Ewout Klei over het wapperen met de nationale vlag en ander klein vaderlands gedoe.

 

In zijn proefschrift Nieuw Babylon in aanbouw beschrijft historicus James Kennedy de teloorgang van het Nederlandse nationalisme in de jaren vijftig en zestig. De Europese eenwording, de NAVO, de dekolonisatie van Indonesië en de Derde Wereldproblematiek zorgden ervoor dat steeds meer Nederlanders over hun eigen grenzen gingen kijken. Het besef rijpte dat we niet alleen op de wereld waren en dat internationale samenwerking noodzakelijk was. Nationalisme was iets van het verleden. De enige partijen die aan het nationalisme bleven vasthouden – de Staatkundig Gereformeerde Partij, het Gereformeerd Politiek Verbond en de Boerenpartij en haar splinters – bevonden zich aan de uiterste rechterzijde van het politieke spectrum. Hun nostalgische gevoelens werden niet serieus genomen, ook niet door VVD en de christendemocraten.

De tijden zijn echter veranderd. Euroscepsis en nationalisme zijn weer mainstream geworden. Niet alleen de SGP en de PVV, maar ook het CDA en natuurlijk nieuwkomer het Forum voor Democratie zijn sterk nationalistisch en nostalgisch. Ze verlangen naar een mythisch Nederland dat nooit heeft bestaan. Maar in plaats van dat het nieuwe nationalisme wordt geridiculiseerd hebben de liberale en de linkse partijen besloten om dit te faciliteren. Alleen de Partij voor de Dieren stemde – terecht – tegen de Nederlandse vlag in de Tweede Kamer.

Dat er in ons parlement nu een Nederlandse vlag hangt is echt een totale miskleun. Het is klein vaderlands gedoe. Het is on-Nederlands. Het trots zwaaien met de nationale vlag is iets voor Amerikanen, Fransen en Friezen. Wij Nederlanders staan hier toch boven? De Nederlandse identiteit, die een beetje vaag bestaat, heeft geen vlag nodig. Nationalisme is iets voor strenge gereformeerden, die geloven in de heilige drie-eenheid God-Nederland-Oranje, en voor kaalkopjes met bomberjacks. De ‘gewone’ Nederlander eet in de winter misschien boerenkool met worst en viert Sinterklaas, maar vindt dat wapperen met Rood-Wit-Blauw ietwat overdreven. Dat doen sommige mensen op 5 mei als we herdenken dat ons land bevrijd, maar de rest van het jaar kan die vlag gewoon de kast in.

Hopelijk dient de Partij voor de Dieren over enkele jaren, als de politieke verhoudingen weer een beetje anders zijn, een motie in om de Nederlandse vlag opgevouwen en wel op te bergen. Nationalisme moet de kast weer in.