De H.J. Schoolezing van CDA-leider Sybrand van Haersma Buma deed veel stof opwaaien. De daarin geuite gedachten vormen een welkome bijdrage aan het publieke debat.

Vorige week maandag hield CDA-voorman Buma een betoog waarin gemeenschap en identiteit centraal stonden. Zijn analyse vormt een nuttige aanvulling op het maatschappelijke debat, doordat het uitgaat van een andere visie op wat er gaande is en op wat nuttig en nodig is. Het biedt tegenwicht tegen de individualisering, die weliswaar veel goeds heeft gebracht, maar op tal van terreinen (te) ver is doorgeschoten.

Uiteraard waren er weer de nodige reacties waarin werd gewaarschuwd voor de gevaarlijke opvattingen die Buma ten toon spreidde. Het spelletje hoe een christelijk geïnspireerde politicus zou moeten denken, brandde los in o.a. Trouw. Niets is leuker in Nederland dan elkaar de maat te nemen om de eigen superioriteit te etaleren. Met name het CDA heeft er de afgelopen decennia voortdurend flink van langs gekregen als het een geluid liet horen dat de links-liberale stedelijke elite, die na 1968 de macht kreeg in dit land, niet aanstond (in de jaren vijftig waren de rollen overigens omgedraaid). Het CDA (en de voorlopers van deze partij) werd beschuldigd van zielige kleinburgerlijkheid en provincialisme, en bestond uit christelijke moraalridders die de kat in het donker knepen. Termen bedoeld als scheldwoorden en reden om de opvattingen van de partij als achterlijk af te doen en buiten de orde te verklaren. Een christelijke partij had sowieso geen toekomst. Het CDA legde zich daar veelal bij neer, wat werd vergemakkelijkt door het feit dat regeringsdeelname zonder deze partij(en) lange tijd vrijwel onmogelijk was. Op die manier kon toch het nodige van het eigen programma worden gerealiseerd.

Het valt te hopen dat Buma zich niet de mond laat snoeren en het debat over de inhoud gaat. De voortdurende intimidatie van mensen die een afwijkende mening ventileren dan door sommige extremisten van met name de linkerzijde voor betamelijk wordt gehouden, is een schande voor de Nederlandse rechtsstaat. Wat met name zorgen baart, is dat mensen er voortdurend mee weg lijken te komen. Dat zet alleen maar aan tot nog meer intimidatie. Arrestaties blijven veelal uit en zelden wordt er iemand voor de rechter gebracht.

In de discussie is er één ding dat het CDA wel kan worden aangewreven en dat is de voortdurende discrepantie tussen wat er wordt geroepen en vervolgens (in een regeerakkoord) wordt afgesproken. In het verleden deden politici van CDA-huize soms stevige uitspraken (Ruding over ‘Jantje van Leiden’-mentaliteit, Lubbers over “Nederland is ziek”, Balkenende over herstel van normen en waarden), maar voegden zelden de daad bij het woord. Wie de regeerakkoorden van het laatste kabinet Balkenende en het eerste kabinet Rutte naast elkaar legt, ziet een wereld aan verschil. Beide keren maakte het CDA deel uit van deze kabinetten en niet omdat er nog een paar zetels nodig waren om aan een meerderheid te komen.

De vraag is dan ook terecht waar het CDA precies voor staat. De partij heeft de neiging zich wel erg flexibel op te stellen bij de onderhandelingen over een nieuw kabinet en dat is een punt waarop kiezers afhaken. Van de ferme taal in de campagne wordt te weinig teruggezien in het kabinetsbeleid. Het is de vraag hoe het deze keer zal lopen.

Er is nog een discrepantie tussen woorden en daden en wel die tussen landelijk en lokaal niveau. Voor het debat is het goed dat een partij onderdak biedt aan mensen met enigszins uiteenlopende opvattingen. Binnen het CDA lijkt die discrepantie wel erg groot. Waar Buma het heeft over het versterken van tradities en het aanleren van gemeenschapsgevoel en stelt dat de overheid teveel taken op zich heeft genomen en dit met name zichtbaar wordt in de te uitgebreide verzorgingsstaat waarin mensen vastlopen, werken CDA-wethouders op lokaal niveau vol overtuiging mee aan het

realiseren van het omgekeerde. In mijn jarenlange ervaring op het beleidsterrein van sociale zaken en werkgelegenheid heb ik nooit veel verschil kunnen ontdekken tussen een CDA- en een PvdA-wethouder met die portefeuille. Altijd werd eenzijdig de nadruk gelegd op het aspect van inkomensondersteuning en armoedebestrijding, wat ten koste ging van re-integratie en werkgelegenheid. Op het terrein van migratie is aarzelend een koerswijziging ingezet, die veel lokale bestuurders echter niet meemaken. Zo past b.v. de opvang van illegale vreemdelingen niet in het beleid wat Buma op dit terrein voorstaat, maar werken veel CDA-bestuurders op lokaal niveau hier van harte aan mee, daartoe aangespoord vanuit verschillende kerken.

Het CDA heeft jarenlang vol overtuiging meegewerkt aan het uitbouwen van de verzorgingsstaat. De partij is niet weggelopen voor sanering toen dat nodig was om de overheidsfinanciën niet te laten ontsporen, maar hinkt nog altijd op twee gedachten als het aankomt op de keuze tussen overheidsinterventie en zelfredzaamheid. Het uitgebreide stelsel van toeslagen voor huur, zorg, kinderopvang e.d. hebben we aan het CDA te danken en heeft ertoe geleid dat het aanvaarden van laagbetaald werk nog minder lonend is geworden.

In een geïndividualiseerde maatschappij wordt zelfredzaamheid vaak geïnterpreteerd als “ieder voor zich” en de staat voor ons allen. Wie zelfredzaamheid bepleit, maakt zich volgens linkse tegenstanders al snel schuldig aan het propageren van asociaal beleid. De overheid is echter niet asociaal en beleid is dat ook niet. Net zoals vluchtelingenbeleid niet humaan of inhumaan is. Mensen kunnen in de omgang met elkaar sociaal of humaan zijn, of niet. Geplakt op de overheid gaat het om een frame dat uiteenlopende politieke keuzes maskeert. Het is daar waar het CDA zich door links steeds in de hoek heeft laten drukken en nooit echt afstand heeft willen nemen van de verzorgingsstaat en de overheid als grote maatschappelijke probleemoplosser (en geldschieter). Het falen van de staat, het prijskaartje dat hangt aan een grote overheid in de vorm van een verstikkende belasting- en premiedruk en vooral het verwoestende effect van de overheidsmoloch op tal van maatschappelijke verbanden die op zijn best door haar worden opgeslokt en op zijn slechtst volledig vernietigd, zou tot terughoudendheid hebben moeten leiden bij het almaar uitbreiden van de staatsmacht en -invloed. Het zou een zegen zijn als het CDA een dergelijke draai nu eindelijk in zowel woord als daad maakt.

 

Afbeelding: Wikimedia Commons