Afgelopen woensdag ging in Nederland de film The Promise in première, de eerste Hollywoodproductie over de Armeense Genocide van 1915. Ewout Klei bekeek deze film afgelopen donderdag in Enschede, met de Armeense en Aramese gemeenschap aldaar. 

The Promise is geen Schindler’s List, maar kan er als film zeker mee door. De Armeense Genocide, de massamoord op 800.000 tot 2 miljoen christelijke Armeniërs, vormt de historische achtergrond van een ongemakkelijke liefdesdriehoek tussen een Armeense medicijnenstudent in Constantinopel, een Frans-Armeense danseres en een Amerikaanse journalist. De liefdesperikelen staan het historische verhaal soms in de weg, maar niettemin wordt vanuit de ogen van mensen waarmee je je kunt identificeren als kijker (de Armeniërs, de verwesterde Armeniër, de westerling en zelfs de ‘goede’ Turk) de tragische geschiedenis van de massamoord verteld.

Voor de film zijn kosten nog moeite gespaard. Naast Oscar Isaac (Poe Dameron in Star Wars: The Force Awakens) en Christian Bale (Batman in Batman: The Dark Knight) spelen ook Jean Reno (Léon in Léon) en James Cromwell (Zefram Cochrane in Star Trek: First Contact) een rol in The Promise. Cromwell speelt Henry Morgenthau Sr., de Amerikaanse ambassadeur die zich niet laat intimideren door de Ottomaanse machthebbers. In de film wordt heel erg benadrukt dat hij een Joodse Amerikaan is. Dit is natuurlijk gedaan met een duidelijk doel, namelijk de Armeense Genocide historisch verbinden met de Holocaust een kwart eeuw later.

Voor buitenstaanders is The Promise gewoon een historische film. Indrukwekkend, maar niet aangrijpender dan een film over de Holocaust of de Rwandese Genocide (regisseur Terry George maakte trouwens ook de film Hotel Rwanda). Voor de Armeniërs en Arameeërs in de zaal (veel Arameeërs werden tijdens de Sayfo, de genocide die de tegelijkertijd met de Armeense Genocide plaatsvond, vermoord) kwam de film echter veel harder aan, omdat het verhaal over hun grootouders en overgrootouders ging. Er waren enkele mensen tijdens de pauze weggegaan, omdat ze het emotioneel niet meer konden trekken. De beelden leken te erg op de verhalen die ze hadden gehoord van hun grootouders: over families die werden vermoord en ongeboren baby’s die uit de moederschoot werden gerukt. Vanzelfsprekend vindt een buitenstaander deze beelden ook heftig, maar het komt echter veel harder aan als je deze verhalen al heel lang kent en nu voor het eerst ziet op het grote scherm.

Voordat de film werd vertoond werden er drie korte toespraken gehouden. Een Armeense geestelijke hield een verhaal in het Engels en vertelde hoe belangrijk het was dat The Promise was gemaakt. Johnny Shabo van de Aramese Federatie zei dat de Arameeërs de Armeense pijn begrepen, want het was ook hun pijn. Daarnaast vertelde hij zijn toehoorders dat de genocide behalve een massamoord ook een culturele uitroeiing was. Er werden veel kerken verwoest en dankzij de genocide is het Aramese Mlahsô-dialect verdwenen. Ten slotte sprak de Turks-Nederlandse documentairemaker Sinan Can de hoop uit dat hij nog mag meemaken dat Turkije de Armeense Genocide en de Sayfo erkent. De VARA-regisseur maakte nog een pijnlijk grapje en vroeg of er nog Turken in de zaal zaten. Er bleek er maar één in de zaal te zitten, die bovendien een goede bekende van Sinan Can was. Veel Turken durven hun eigen verleden nog niet onder ogen te zien.

 

Afbeelding: Screenshot Trailer The Promise: