Volgens de Franse politieke filosoof Jean-Louis Vullierme was de nazi-ideologie geen irrationele aberratie van onze beschaving. Adolf Hitler zou diepgaand door enkele dominante denktradities in het Westen geïnspireerd zijn. Politiek historicus Ewout Klei onderwerpt Vulliermes progressieve pamflet aan de kritiek van de historische rede.

9200000040876807Afgelopen week vlogen de godwins mij om de oren. Op een bijeenkomst van het Forum voor Democratie riep een boze bezoeker dat als ‘we Hitler konden verslaan, we ook mensen in bootjes kunnen tegenhouden.’ De vluchtelingencrisis werd door hem op één lijn gesteld met Fall Gelb, de invasie van West-Europa door nazi-Duitsland. Ook Tofik Dibi gebruikte de naam van de Führer ijdel. Volgens de voormalige kansenparel van GroenLinks was Geert Wilders ‘Adolf Hitler junior’. Historisch besef heeft niet iedereen.

Maar er zijn ook intellectuelen die met godwins strooien. Nee, het gaat deze keer niet over Leo Lucassen. Ik wil het vandaag hebben over de Franse politieke filosoof Jean-Louis Vullierme. Zijn boek De Spiegel van het Westen. Het nazisme en de westerse beschaving (oorspronkelijke titel: Miroir de l’Occident. Le nazisme et la civilisation occidentale) is geen wetenschappelijke studie maar een politiek pamflet. Volgens Vullierme waren de nazi’s niet zomaar barbaren, maar bouwden zij voort op enkele dominante denktradities uit het Westen. De nazi-ideologie is volgens Vullierme typisch westers. Dit is uiteraard volkomen kul en ik zal in dit boek ook laten zien waarom, maar het is voor extremisten hele bruikbare kul. De haters van het Westen – of ze nu islamistisch, feministisch of blacktivistisch zijn – kunnen met beroep op dit pseudowetenschappelijke boek namelijk ‘aantonen’ dat wij allemaal nazi’s zijn.

Henry Ford en eugenetica

Ford_publ_axb01Laten we een beetje positief beginnen. Niet alles wat Vullierme beweert is kul. De invloed van de Amerikaanse autobouwer Henry Ford op Adolf Hitler is bijvoorbeeld evident en het is goed dat Vullierme hier zijn licht over laten schijnen. Zoals u misschien wel weet was Henry Ford, de oprichter van het Ford-concern, niet alleen een succesvolle ondernemer maar ook een notoire antisemiet. Ford meende dat de Joden een wereldwijd complot tegen de Joden hadden gesmeed en wilde dit ontmaskeren. Hitler was zo onder de indruk van de publicaties van Ford dat hij hem in de jaren twintig als een ideologische medestander beschouwde en in zijn werkkamer een portret van Ford had staan. Ook veel argumenten tegen de Joden in Mein Kampf komen, zo laat Vullierme zien, bij Ford vandaan.

Een ander Amerikaans voorbeeld ter navolging was Madison Grant, een pleitbezorger van de eugenetica oftewel rasverbetering. Grant was een wetenschappelijke racist, die op wetenschappelijke gronden meende dat het Noordse ras superieur was aan alle andere rassen. Hitler schreef Grant dat diens boek The Passing of the Great Race uit 1916 ‘zijn Bijbel’ was. De Führer beweerde dat zijn racisme en antisemitisme ‘wetenschappelijk’ waren. Volgens Vullierme was dat ook zo. Tegenwoordig weten we natuurlijk dat het allemaal nonsens is, maar wetenschap kan het ook bij het verkeerde eind hebben. Hitlers rassenleer was onjuist, maar was volgens Vullierme niet onwetenschappelijk of irrationeel. Het zou stevig gefundeerd zijn op de westerse wetenschap.

Rechtspositivisme en de onmacht van de dictator

Interessant is ook Vulliermes uiteenzetting over het rechtspositivisme. Rechtspositivisten geloven dat geldend recht door de overheid wordt uitgevaardigd. Recht houdt geen verband met de moraal. Het rechtspositivisme staat daarmee lijnrecht tegenover het natuurrecht, dat uitgaat van onveranderlijk recht dat van nature gegeven zou zijn. Het rechtspositivisme is modern en revolutionair. Wij mensen kunnen wetten veranderen, zonder rekening te houden met moraal, met tradities, met God. Het natuurrecht is daarentegen antirevolutionair. Goed en kwaad zijn gegeven, wij mensen mogen dat niet manipuleren. Vullierme noemt deze voorbeelden niet, maar de Nederlandse legalisering van abortus, euthanasie en het homohuwelijk zijn het resultaat van rechtspositivisme. De meerderheid in Nederland dacht anders over moraal, de wetgeving werd daarom aangepast. Rechtspositivisme is, en dat maakt Vullierme onvoldoende duidelijk, ook niet fout an sich. Het gaat fout als er wetten worden ingevoerd die gericht zijn tegen de individuele vrijheid van mensen of specifiek tegen bepaalde minderheden (Joden, homo’s, vul maar in). Dat gebeurde er in nazi-Duitsland. Vullierme heeft gelijk dat rechtspositivisme kan leiden tot tirannie, maar de ontsporing in Duitsland is geen noodzakelijk gevolg van het rechtspositivisme.

Het interessantste van Vulliermes boek is echter zijn visie op de macht van de dictator, beter gezegd zijn onmacht. Een dictator kan straffeloos (politieke) tegenstanders in de gevangenis gooien, naar werkkampen verbannen en zelfs uit de weg laten ruimen, maar hij is een slaaf van zijn eigen ideologie, van zijn eigen leugens. Hitler kon niet opeens breken met het nazisme, de Joden en andere minderheden opeens aardig vinden. Om zijn geloofwaardigheid te behouden en ervoor te zorgen dat het volk hem blijft volgen moet de dictator de rol spelen die men van hem verwacht. Met propaganda kan het volk gemanipuleerd worden, moet het volk soms gemanipuleerd worden, omdat het volk anders gaat twijfelen en het regime wegsmelt als sneeuw voor de zon. De dictator wordt gedwongen het pad te volgen dat hij heeft ingeslagen en kan slechts een beetje bijsturen. Vulliermes visie op de onmacht van de dictator is interessant, omdat dit een mogelijke verklaring biedt waarom Hitler Duitsland uiteindelijk naar de ondergang voerde. Toch moet er wel een kritische kanttekening bij worden geplaatst: Hitler kreeg het toch voor elkaar om in augustus 1939 met zijn ideologische aartsvijand Joseph Stalin een niet-aanvalsverdrag te sluiten. Het Molotov-Ribbentroppact was ideologisch eigenlijk niet uit te leggen. Toch wist Hitler dit duivelspact aan het Duitse volk te verkopen. Wellicht hebben dictators, mits ze hun acties slim weten te verwoorden, toch meer speelruimte dan Vullierme denkt.

Ongerijmde vergelijkingen en een eenzijdige focus

Hoewel er dus enkele interessante zaken in het boek van Vullierme staan is het niettemin een progressief pamflet dat een zeer eenzijdige visie op het nazisme biedt. Ergerniswekkend zijn de vergezochte vergelijkingen, die een hoog Lucassen-gehalte hebben. Zo vergelijkt Vullierme met beroep op één citaat van Hitler over Ierland het Hungerplan van de nazi’s met de Ierse hongersnood uit de jaren veertig van de negentiende eeuw. Volgens Vullierme zouden de Engelsen bewust niets willen doen tegen deze hongersnood, die honderdduizenden Ieren het leven kostte en leidde tot de emigratie van miljoenen Ieren naar Amerika. Het is een vergelijking in het ongerijmde. Hitler noemde in het gewraakte citaat de Ierse hongersnood helemaal niet. Bovendien waren de Engelsen uiteraard niet uit op een doelbewuste genocide. Het feit dat Hitlers Hungerplan (deels) mislukte kwam door het mislukken van Operatie Barbarossa in december 1941 tijdens de Slag om Moskou, het feit dat honderdduizenden Ieren omkwamen van de honger kwam (mede) omdat de Britse regering totaal incompetent reageerde.

De vergelijking tussen het koloniseren van Amerika door het Westen en de kolonisatie van Rusland door nazi-Duitsland is niet ongerijmd, maar wel eenzijdig. Hitler noemde de kolonisering van Amerika en het verjagen (en uitroeien) van de Indianen ook als voorbeeld. De belangrijkste reden dat Hitler Rusland wilde koloniseren was echter de Eerste Wereldoorlog, zo toonde de gevierde Duitse journalist en schrijver Sabastian Haffner aan in zijn baanbrekende boek Von Bismarck zu Hitler. In 1918 hadden de Duitse legers voor korte tijd enorme delen van Rusland bezet, onder andere de graanschuur Oekraïne. Hitler en vele anderen wilden dit tijdelijke succes permanent maken. Vullierme zegt hier in zijn boek helemaal niets over. Per ongeluk? Of toch stiekem bewust?

Een blik in de literatuurlijst laat zijn dat Vullierme maar één boek van Haffner heeft gebruikt: Die verratene Revolution – Deutschland 1918/19. Von Bismarck zu Hitler ontbreekt, evenals Haffners beroemdste en tevens beste boek Anmerkungen zu Hitler. Dé wetenschappelijke standaardbiografie over Adolf Hitler, de tweedelige biografie van Ian Kershaw, staat ook niet in de literatuurlijst vermeld. Vullierme heeft alleen een studie van Kershaw uit 1985 gebruikt, getiteld The Nazi Dictatorship. De Franse politieke filosoof gebruikt voor zijn boek dus alleen die boeken die voor zijn eenzijdige betoog van pas komen. Maar het is ook intellectuele luiheid. Een andere belangrijke nazi-ideoloog, Alfred Rosenberg, komt er in Vulliermes boek zeer bekaaid vanaf. Zijn boek Der Mythus des 20. Jahrhunderts ontbreekt ook in de literatuurlijst terwijl dit – na Mein Kampf uiteraard – het belangrijkste gepubliceerde nazi-boek is.

De Armeense Genocide ontbreekt uiteraard ook

De focus op het Westen is natuurlijk ook ontzettend eenzijdig. Op zich is er wetenschappelijk gezien niets mis met het trekken van vergelijkingen tussen Westerse racistische ideeën in de negentiende en begin twintigste eeuw en de ideeën van de nazi’s. Echter, als je hier alleen maar op focust, andere zaken niet in beschouwing neemt, en grote conclusies trekt, dan is er wetenschappelijk gezien wel iets mis met je analyse.

Max Erwin von Scheubner-Richter

Max Erwin von Scheubner-Richter

De Armeense Genocide van 1915, die heel goed als een voorbeeld voor de Holocaust kan worden gezien, is zo’n andere zaak. Het Ottomaanse (=Turkse) Rijk vermoordde tijdens de Eerste Wereldoorlog 800.000 tot 1,5 miljoen Armeniërs, maar Vullierme wijdt hier geen woord aan. Dat is merkwaardig omdat een belangrijke medewerker van Adolf Hitler in de jaren twintig, de diplomaat Max Erwin von Scheubner-Richter, in de Eerste Wereldoorlog als Duits diplomaat in het Midden-Oosten ooggetuige was van de Armeense Genocide en Hitler wellicht hierover ook uitgebreid heeft verteld. In zijn rapporten aan de keizerlijke regering in Berlijn beschreef Von Scheubner-Richter de sluwe methoden die de Turkse troepen gebruikten om de Armeniërs in de val te lokken, het inzetten van misdaadbendes (Koerdische stammen en vrijgelaten criminelen) en noemde de Armeniërs zelfs ‘deze joden van het oosten’.

Wat ook ontbreekt is Hitler´s beruchte toespraak in Obersalzberg. Op 22 augustus 1939, vlak voor de invasie van Polen, zou Hitler tegen zijn generaals hebben gezegd: ‘Wie heeft het vandaag de dag nog over de vernietiging van de Armeniërs?’ Hoewel er aan de authenticiteit van dit citaat wordt getwijfeld blijven de parallellen tussen de Armeense Genocide en de Holocaust zo opvallend, dat het negeren van deze parallellen in een boek dat over historische parallellen gaat een bewuste politieke keuze is.

Conclusie: een progressief pamflet

De Spiegel van het Westen. Het nazisme en de westerse beschaving is een supersubjectieve studie waarin het Westen ten onrechte wordt beschouwd als de eigenlijke aanstichter van het nazisme. Jean-Louis Vullierme schrijft in de inleiding van zijn boek dat hij deze conclusie niet van te voren had bedacht, maar dat hij hier al lezende toe kwam, maar dat lijkt mij gezien zijn eenzijdige aanpak je reinste kolder. Vullierme wilde dit van te voren concluderen. Zo’n conclusie zorgt voor een rel, zo’n conclusie maakt je beroemd en berucht, zo’n conclusie verkoopt, zo’n conclusie valt ten slotte zeer in de smaak bij die mensen die vanuit hun ideologische overtuiging – islamisme, feminisme of blacktivisme – al een ontiegelijke hekel aan het Westen hebben en in hun vooroordelen willen worden bevestigd.

In zijn conclusie zet Vullierme zijn masker van objectiviteit definitief af. Om aan ‘de ideologie van uitroeiing’ (lees: de dominante westerse denkbeelden) te ontsnappen is ‘cognitieve therapie’ nodig. We moeten van Vullierme in de leer bij Mahatma Gandhi die met zijn lijdzame, geweldloze verzet de Britse koloniale autoriteiten wist te beschamen, waardoor India onafhankelijk kon worden.

Natuurlijk, zo’n verwijfde kuthouding is natuurlijk heel efficiënt tegen de nazi’s en tegen ISIS.

N.a.v.: Jean-Louis Vullierme, De Spiegel van het Westen. Het nazisme en de westerse beschaving (De Bezige Bij Amsterdam 2015). ISBN 9789023491712. 480 pagina’s. €29,90.