Op zondag 4 oktober 1936 wilde British Union of Fascists van Oswald Mosley marcheren door East End. De joodse bewoners van deze wijk, bijgestaan door linkse arbeiders en activisten, gingen echter de confrontatie aan. Antifascisten van nu beschouwen de Battle of Cable Street als een belangrijke historische gebeurtenis. Ze zouden daar eigenhandig het fascisme hebben tegengehouden.

 

In navolging van Duitsland, Italië, Spanje, Nederland en Noorwegen kreeg ook Groot-Brittannië een fascistische partij. Haar leider Oswald Mosley was een vreemde vogel, een van de redenen waarom het fascisme in Groot-Brittannië nooit echt voet aan de grond kreeg. Ook werd de BUF hard bestreden door de Britse pers. Alleen The Daily Mail was aanvankelijk positief over Mosley en zijn trawanten, maar de krant trok deze steun in 1934 in toen antifascisten op een BUF-bijeenkomst hardhandig het stadion werden uitgeknikkerd. Het gewelddadige karakter van de BUF en het groeiende antisemitisme van de partij zorgden ervoor dat Mosley een marginaal figuur werd, die alleen extremisten aantrok.

In 1936, hetzelfde jaar dat de Spaanse Burgeroorlog uitbrak en in Frankrijk het volksfront (de coalitie van socialisten en communisten) aan de macht kwam, vond in de Londense wijk East End een ‘veldslag’ plaats tussen de BUF en links. In East End woonden veel joden, voor Mosley een reden om juist daar met zijn Black Shirts rond te marcheren in ganzenpas. De joden in East End zaten uiteraard niet op deze mislukte Mussolini te wachten en ook linkse arbeiders waren verontwaardigd. Een groep Ierse havenarbeiders besloot om de joden bij te staan. Ook communisten en anarchisten en leden van Labour en de Independent Labour Party (de partij van George Orwell) deden mee. 3.000 Black Shirts, die door zo’n 7.000 agenten werden begeleid, werden opgewacht door 20.000 antifascisten.

De antifascisten hadden barricades opgeworpen, zodat de Black Shirts hun route door East End niet konden afleggen. Toen de politie probeerde toegang te forceren begon de knokpartij. De antifascisten waren bewapend met stokken, stenen, stoelpoten en andere geïmproviseerde wapens. Vanuit de ramen gooiden vrouwen bovendien met rot fruit, po’s (inclusief inhoud) en andere viezigheid naar de fascisten en de politie. De fascisten namen al snel de benen, de politie vocht nog een tijdje door met de linkse demonstranten. Mosley besloot uiteindelijk om van zijn geplande marsroute af te wijken. De antifascisten hadden een grote symbolische overwinning behaald. Er waren niettemin zo’n 150 mensen gearresteerd en zo’n 175 mensen waren gewond geraakt. Gelukkig waren er geen doden gevallen.

Het blad Time schreef over de rellen in zijn oktobernummer:

Ignoring orders from the Labor Party and prominent British Labor leaders, half a million British proletarians liberally sprinkled with Jews went on an anti-Fascist rampage last week which turned out to be London’s biggest riot in years. Every provocation had been given the proletariat by No. 1 British Fascist Sir Oswald Mosley, who had announced weeks ahead that 5,000 of his Blackshirts would march through the tortuous streets of London’s Jewish quarter east of the Tower. This was interpreted by Jews and workers alike as a challenge to battle, the British Communist Party hurling its cohorts with the slogan “MOSLEY SHALL NOT PASS!”

CableStreetMural

Muurschildering in East End die de Battle of Cable Street herdenkt

Antifa beschouwt de Battle of Cable Street als een gebeurtenis van grote historische betekenis. Dankzij het protest van de antifascisten werden Mosley en zijn trawanten tegengehouden en veranderde Groot-Brittannië niet in een fascistische staat. Natuurlijk is dit een grote overschatting van het historische belang van de linkse antifascisten. Als Mosley zijn demonstratie gewoon had mogen houden dan was dat uiteraard niet leuk geweest voor de joodse bewoners van East End, maar dan was Groot-Brittannië echt niet zomaar een fascistische staat geworden.

De British Union of Fascists was in 1936 al een marginale partij geworden, die absoluut geen kans maakte om de macht in Groot-Brittannië over te nemen. Omdat de partij een antisemitische koers was ingeslagen hadden de Britse fascisten in 1935 al zo’n 8.000 leden verloren. Wel versterkte de ‘veldslag’ in East End de verdere marginalisering van de partij. Eind 1936 werd met de Public Order Act het dragen van uniformen tijdens politieke demonstraties verboden. Dit besluit was vooral gericht tegen de Britse fascisten, om hun imiterende gedrag op straat tegen te gaan.

 

Uitgelicht afbeelding: Screenshot Youtube. Andere afbeeldingen: Wikimedia / Wikipedia Commons