Nederlandse rechtsgeleerde verdedigde in 1699 al het principe van volkssoevereiniteit.

Bij Elsevier verscheen dit jaar het boekje Over de soevereiniteit van het volk van Gerard Noodt. In 1699 hield Noodt een toespraak in het Latijn, getiteld De jure summi imperii et lege regia. Onder wetenschappers zorgde de toespraak voor enige deining. In 1707 werd de Latijnse tekst in het Frans vertaald, in 1708 kwam er een Engelse vertaling en pas in 1784, ten tijde van de patriottentijd in ons land, een Nederlandse vertaling. De vertaling van Elsevier door Hans van Cuijlenborg is gebaseerd op het origineel, maar heeft ook gebruik gemaakt van de Engelse en Franse vertaling.

Arendo Joustra, hoofdredacteur van het weekblad Elsevier en ook zeer betrokken bij Elseviers Politieke Bibliotheek, waarin een boel beroemde oude geschriften worden heruitgegeven, heeft de inleiding van de heruitgave van 2017 verzorgd. Het interessante van de toespraak van Gerard Noodt is dat hij het principe van volkssoevereiniteit verdedigt, een belangrijke filosofische basis van de Franse Revolutie van 1789. De Franse Revolutie is zelfs schatplichtig aan Noodt, omdat de revolutionairen ook uitgingen van de notie dat de hoogste macht niet bij God of bij de koning berustte.

Gerard Noodt leefde van 1647 tot 1725 en was hoogleraar in achtereenvolgens Nijmegen, Franeker, Utrecht en Leiden. De Nijmeegse universiteit, die van 1655 tot 1679 heeft bestaan, was opgericht als concurrent van de toenmalige universiteit te Harderwijk. De faculteit rechtsgeleerdheid aan de huidige Radbouduniversiteit heeft ook een rechtshistorisch genootschap Gerard Noodt, als hommage aan de beroemde zeventiende-eeuwse hoogleraar.

De rede van 1699 is in de vergetelheid geraakt, net als de persoon van Gerard Noodt. Elseviers Politieke Bibiotheek, die eerder de inaugurele oratie van George van den Bergh uit 1936 over antidemocratische partijen opnieuw uitgaf, maakt nu ook deze belangwekkende toespraak uit 1699 opnieuw toegankelijk voor het grote publiek.

 

Afbeelding: Wikipedia / Wikimedia Commons