Het basisinkomen is een utopie die volgens de aanhangers de oplossing biedt voor al onze problemen op het terrein van ‘werk’ en inkomen.

 

bregman

Rutger Bregman

Het basisinkomen komt tot ons in verschillende gedaanten. Dat is handig. Zodra een bepaalde verschijningsvorm is ontmaskerd als onhaalbaar en onbetaalbaar, dan kan een voorstander van het basisinkomen roepen dat hij of zij het zo natuurlijk niet heeft bedoeld. Het is daardoor moeilijk om een vinger te krijgen achter de vorm van basisinkomen die precies wordt gepromoot. Laat ik daarom hier proberen in te zoomen op het basisinkomen zoals dat wordt voorgestaan door Rutger Bregman via zijn schrijfsels op De Correspondent en af en toe uitzoomen naar meer algemene vormen van het basisinkomen.

Welk probleem lost het basisinkomen eigenlijk op? Het wil volgens Bregman in eerste instantie de inkomens verhogen van hen die in Nederland in armoede zouden leven. Nu komt materiele armoede in Nederland niet voor. Bregman wil via armoedebestrijding mensen met een minimuminkomen meer geld geven en dit via belastingheffing afnemen van hen die meer hebben. Dat heet herverdeling en over de negatieve effecten daarvan heb ik de afgelopen maanden het nodige geschreven. Door de minimumuitkeringen nog verder te verhogen, wordt het voor nog meer mensen onaantrekkelijk om via werk in het eigen levensonderhoud te voorzien. Laat staan voltijds te werken voor het minimumloon, wat dan minder oplevert dan het Bregmanbasisinkomen. Lastenverhogingen hebben negatieve effecten op de economie, omdat het degenen die het treft niet onberoerd zal laten. Zij zullen hun activiteiten verleggen naar bezigheden die minder belast worden, zich minder inspannen en trachten belasting betalen te vermijden. Bregman ontkent deze feiten. Volgens hem mag je het overhevelen van geld van de ene groep naar de andere geen kosten noemen, zelfs niet als dit onder dwang gebeurt door tussenkomst van een grote bureaucratische organisatie als de belastingdienst.

Een belangrijk achterliggend motief van voorstanders van een basisinkomen is dat de markt de maatschappelijk geëngageerde activiteiten van betrokkenen onvoldoende financieel waardeert. Dat vormt overigens geen belemmering voor een leger bijstandstrekkers in steden als Amsterdam en Utrecht om zich hier fulltime voor in te zetten, zonder dat de gemeente ze een strobreed in de weg legt door bijvoorbeeld te vragen aan het werk te gaan. Integendeel, de gemeenten in die steden voegen zich bij allerlei publieke en private clubs alsmede progressieve burgers die tal van legale, semilegale en nogal schimmige organisaties financieren die zich dagelijks inzetten voor het realiseren van een betere wereld. Dat wordt alleen maar erger na de introductie van een basisinkomen.

 

Aanrechtsubsidie

Een basisinkomen zou verder leiden tot een gewenste herwaardering van vrijwilligerswerk en huishoudelijk werk. Werkzaamheden die iedereen doet, hoef je niet te herwaarderen of te betalen. Het is juist goed dat degenen die ze niet willen doen of ze onbelangrijk vinden, daarvoor moeten betalen als ze om de een of andere reden toch moeten gebeuren. De partijen waarbinnen we de meeste aanhangers vinden van een basisinkomen (D66 en GroenLinks) zijn overigens ook die welke zich het felste keren tegen de aanrechtsubsidie.

Een basisinkomen maakt ook een einde aan de enorme bureaucratie waarmee het verstrekken van bijstand nu gepaard gaat en dat is dus nog een voordeel van een basisinkomen. Die bureaucratie voorkomt inderdaad veelal dat een bijstandsuitkering als basisinkomen fungeert. Overigens is het omgekeerde net zo belangrijk in de Nederlandse situatie, want het voorkomt ook dat iemand in de bijstand ook maar één euro te weinig krijgt en nog dieper wegzakt in armoede. Een tweede kanttekening is dat de gebrekkige controle door de gemeente in met name de grote steden ervoor zorgt dat gezonde jonge mensen uit Nederland en van elders uit de EU de bijstandsuitkering onvoorwaardelijk ontvangen en naar hartenlust kunnen bijverdienen als ze extra geld nodig hebben en op hun lauweren kunnen rusten als ze geen zin hebben om te werken. Vertel dat verhaal ook eens aan de stratenmaker die op zijn zestiende is begonnen met het perspectief nu tot zijn 70e te moeten doorwerken. Daarom is het principe goed dat alleen diegene een uitkering krijgt die permanent of tijdelijk niet in zijn of haar eigen inkomen kan voorzien. In plaats van iedereen hetzelfde bedrag aan basisinkomen te geven, mag er wat mij betreft best onderscheid worden gemaakt naar leefvorm en specifieke omstandigheden. De een moet meer kosten maken dan de ander, zowel individueel als op gezinsniveau. Het is daarom efficiënter en m.i. ook eerlijker om daarmee rekening te houden.

Interessant is de vraag of een basisinkomen aan iedereen onvoorwaardelijk moet worden gegeven, dus ook bijvoorbeeld aan degenen met een aanzienlijk vermogen. De groep met vermogen wordt nu door links vooral als melkkoe gezien, maar veel voorstanders van een basisinkomen (waaronder Bregman) willen bij de toekenning (net als bij de AOW) niemand uitzonderen. Het leidt tot het nodige rondpompen van geld (met onderweg de nodige efficiencyverliezen) als deze groep eerst flink moet bijdragen aan de financiering van het basisinkomen en dit vervolgens ook zelf krijgt uitgekeerd.

 

Maakbare samenleving

Mensen die denken dat de samenleving maakbaar is, zoals de voorstanders van een basisinkomen, hebben vaak een statisch wereldbeeld. Ze constateren een bepaald maatschappelijk probleem, rennen naar de studeerkamer en bedenken achter de tekentafel een oplossing. De maatschappij blijft echter niet dezelfde als er voor iedereen een inkomen beschikbaar komt waarvoor aan de toekenning niet of nauwelijks voorwaarden zijn verbonden. Je kunt dan geen rekensom maken op basis van het huidige aantal mensen met een inkomen op het sociaal minimum en triomfantelijk roepen dat het niets kost. Laat staan als je onder het mom van armoedebestrijding het sociaal minimum ook nog eens flink gaat verhogen. Van de introductie van een basisinkomen gaat een enorme aanzuigende werking uit. Hoewel er nooit een vorm van basisinkomen in ons land is geweest, waren er in het verleden wel regelingen die in de buurt kwamen (zoals nu de bijstand in de grote steden). De studiefinanciering fungeerde tot beginjaren tachtig als een soort van basisinkomen en zette mensen aan tot eindeloos studeren, schadelijke maatschappij-ontwrichtende activiteiten en weinig economisch zinvolle bezigheden. Niet alleen voor degenen met een verdiencapaciteit in de buurt van het minimum zal het basisinkomen een aantrekkelijk alternatief vormen. Ook op veel middelbaar en hoger opgeleiden met een sterke voorkeur voor ‘vrije tijd’ zal het basisinkomen een sterke aantrekkingskracht uitoefenen. Niet alleen zal dan het basisinkomen van deze groep collectief gefinancierd moeten worden, ook valt de financiële bijdrage weg die ze nu leveren aan de collectieve middelen.

Dan nog iets over het mensbeeld van degenen met een basisinkomen. Niet alleen ontkennen zij het bestaan van een aanzuigende werking. Ook gaan ze ervan uit dat de mensen die nu een minimumuitkering krijgen zich zullen blijven inzetten om hun leven te verbeteren. Dat zal vaak echter niet gepaard gaan met werk en ondernemerschap. Meelopen in demonstraties, wiet planten verbouwen, illegalen huisvesten, woningen kraken etc. zijn activiteiten die volgens vele voorstanders zinvol zijn (vaak omdat de betrokkenen dat zelf zo vinden en dan is het goed) en via een basisinkomen gesubsidieerd mogen worden.

De mens is niet geneigd tot het goede. In het Nieuwe Testament staat de gelijkenis van de ‘talenten’. Degene die met zijn talenten aan de slag gaat, verwerft er meer en oogst respect. Degene die zijn talent in de grond begraaft uit angst voor wat hem wacht als hij deze geheel of gedeeltelijk zou kwijtraken, krijgt straf. Het basisinkomen keert deze gang van zaken om. Degene die zijn talent begraaft is zielig en dient daarom te worden onderhouden door degene die ermee woekert. Zo bezien is een basisinkomen alleen een goed idee in een omgekeerde wereld.

 

Afbeelding: Wikipedia / Wikimedia Commons & Screenshot