Zorgeconoom Marcel Canoy nuanceert de ophef over de verhoging van de zorgpremie. Links- of rechtsom betalen we met zijn allen voor een stijgende zorgvraag.

 

Het premieseizoen is dit jaar nog eerder begonnen dan het seizoen van zwarte piet. DSW-directeur Chris Oomen ziet een onverwachte tegenvaller van 400 miljoen euro voor zorgverzekeraars, met als gevolg een premiestijging in 2018 van zo’n 30 euro per jaar per premiebetaler.

Het nieuwsbericht leidde tot een voorspelbare SP riedel. Lilian Marijnissen gilde op twitter ‘Ongelofelijk! Miljarden aan reserves liggen bij zorgverzekeraars op de plank. Maar dan zou premie weer verder omhoog moeten? No way!’

De buffers als nutteloos wegzetten is een favoriet frame van de SP. AD-columnist Özcan Akyol deed er nog een schepje bovenop:

Dit is nu eenmaal de werkwijze van gehaaide ondernemers die een verrot systeem optimaal willen misbruiken.

Akyol schrijft niet alleen over een onderwerp waarvan hij niets weet, hij meent ook nog eens namens het volk te spreken: ‘In principe vond iedereen de voorspelde verhoging misdadig… Blijkbaar hebben we geen enkele politieke partij in Nederland die de onmetelijke woede van burgers aanvoelt en op basis daarvan een grote landelijke actie op poten kan zetten…’

We laten de zoveelste aangeprate onmetelijke woede van burgers maar even voor wat hij is; er zijn ook verstandigere opiniemakers. Zo vroeg Jasper Klapwijk zich terecht op twitter af waarom een tegenvaller in het vereveningsfonds automatisch tot premieverhoging moet leiden.

Verzekeraars krijgen geld binnen via premies en het zorgverzekeringsfonds, dat gevuld wordt met bijdragen van werkgevers en de rijksoverheid. Een tekort van dat fonds zou ook kunnen worden aangevuld door de betalers van het fonds in plaats van door premiebetalers.

De reden voor het tekort is een technische aanpassing: er zijn minder declaraties ingediend voor chronische ziekenhuisopnames dan gedacht, waardoor zorgverzekeraars te veel compensatie voor deze risicogroepen hebben gekregen. Dat bedrag moet nu terug.

Hier openbaart zich een ander probleem. Zowel ziekenhuizen als verzekeraars hebben gedurende het jaar geen idee wat hun werkelijke financiële positie is. Officiële jaarverslagen en -cijfers zeggen weinig vanwege de forse nacalculaties. Bij ziekenhuizen komt dat doordat verschillende complexe bekostigingssystemen elkaar hebben opgevolgd en er nog financiële lijken uit de kast kunnen rollen van jaren geleden. Bij verzekeraars komt dat doordat er herberekeningen in het fonds plaatsvinden.

Je kunt hieruit drie geheel verschillende conclusies trekken. Ten eerste dat de huidige premies kennelijk te laag zijn, omdat ze gebaseerd zijn op verkeerde aannames. Geen paniek, gewoon doorlopen.

Ten tweede dat zoveel onzekerheid in het systeem onwenselijk is. Nacalculatie is nodig, maar moet het zolang duren en kan het effect zo groot zijn? Het zou in ieder geval minder ophef geven als dit wat strakker kan worden georganiseerd.

Tot slot dat het een politieke keuze is hoe een tekort moet worden aangevuld. De politiek zou kunnen besluiten dat een dergelijk groot onverwacht gat in het fonds ook (deels) door werkgevers of de belastingbetaler kan worden opgehoest.

Links- of rechtsom betalen we met zijn allen voor een stijgende zorgvraag en is ophef hierover voor het grootste gedeelte ketelmuziek. Dat kan niet vaak genoeg herhaald worden.

 

Deze column verscheen eerder deze week in Zorgvisie.

 

Afbeelding: Wikimedia / Wikipedia Commons