Alternatieve feiten. De term is nieuw maar ook in Nederland blijken beleidsmakers er niet vies van. Hierbij 10 alternatieve feiten die een belangrijke rol spelen in het overheidsbeleid in Nederland.

 

  1. Materiële armoede is in Nederland onuitroeibaar. Ondanks alle pogingen van verschillende overheden constateert het SCP nog steeds armoede. Ook al behoren het niveau van minimumuitkering en minimumloon tot de hoogste in de wereld, zijn er daarnaast nog meer dan 100 inkomensafhankelijke regelingen en toeslagen en kun je voorrijden en inladen bij de voedselbank. Nieuwste loot aan de stam: Ruim 1000 Haagse brugklassers krijgen een smartphone waarvan de overheid de abonnementskosten betaalt.
  2. Er is een tekort aan sociale huurwoningen. Ondanks dat 30 procent van de Nederlandse woningen wordt gesubsidieerd en een sociale huurwoning is. Vooral in Amsterdam doet dit probleem zich voor; 60 procent van de woningvoorraad in de hoofdstad is een sociale huurwoning. Om het probleem aan te pakken moet 40 procent van de nieuwbouw in Amsterdam een sociale huurwoning zijn. Of zou het toch zo zijn dat niet iedereen die in een sociale huurwoning zit een laag inkomen heeft?
  3. Gemengd wonen laat de problemen verdwijnen. Slopen van wijken met eentonige naoorlogse huurwoningen en die vervangen door een gemengde bebouwing van koop- en huurwoningen en hoog- en laagbouw knapt de leefomgeving in alle opzichten op, zo houden beleidsmakers ons nog steeds voor. Die overlast en problemen zitten echter niet in de stenen, maar in de mensen die er wonen en die op een nieuwe plek doorgaan met waar ze mee bezig waren.
  4. Innovatie vindt alleen plaats als die door de overheid wordt gesubsidieerd. Recent maakte het rapport van onderzoeksbureau Dialogic over het topsectorenbeleid maar weer eens duidelijk dat dit niet het geval is. In plaats van ‘creative destruction’, zo cruciaal voor innovatie, spekt het geld vooral de bestaande spelers, in casu grote bedrijven met voldoende contacten bij de overheid.
  5. Vluchtelingen/migranten zijn nodig tegen de vergrijzing. Onlangs riepen Ruud Lubbers en hoogleraar Paul van Seters het maar weer eens. Tal van anderen zijn hen voorgegaan. De Europese Commissie voorop. Hoe vaak al is voorgerekend dat ook migranten ouder worden en is opgemerkt dat de arbeidsparticipatie onder migranten veel lager is en zij slechter zijn opgeleid. Wil de verhouding tussen ouderen en jongeren op hetzelfde peil blijven als nu, dan zijn er deze eeuw tientallen miljoenen migranten nodig. Er zijn voor ons land alleen humanitaire redenen om vluchtelingen op te nemen en geen economische.
  6. Een andere naam doet het probleem verdwijnen. Dus geen probleemwijk maar krachtwijk. Ook de term allochtoon mag u niet meer gebruiken en u kunt er zo nog wel een paar opdreunen die politiek incorrect zijn. Het kwaad zit blijkbaar in de taal; niet in de mens.
  7. Bevolkingsdaling en ontgroening vergen nu actie. In Doetinchem maakt men zich zorgen over de voorspelde daling van de bevolking, die zich de komende jaren gaat manifesteren. Daarom is men nu alvast begonnen met het samenvoegen van drie uitpuilende middelbare scholen voor mavo, havo en vwo tot twee. Ook in andere gemeenten, vaak langs de grens, leeft deze zorg en naar aanleiding van deze voorspellingen is de bouwproductie stil gevallen. Dat dit laatste juist de inleiding vormt tot de zich vervolgens inderdaad manifesterende bevolkingsdaling wil er niet in bij beleidsmakers. Als je niet bouwt, dan blijf je zitten met wat je hebt en daar treedt huishoudensverdunning en vergrijzing op. Het aantal inwoners van Nederland groeit stevig door en ook van ontgroening is geen sprake: Het aantal kinderen in Nederland daalt niet volgens dezelfde cijfers, waar men als het om bevolkingsdaling gaat zoveel waarde aan hecht. En dan is er nog een ander veelal onderschat mechanisme: In gemeenten die minder populair raken als woongemeente dalen de prijzen. Als gevolg daarvan laat Zeeuws-Vlaanderen een instroom van Belgen zien, voor wie dit gebied juist niet perifeer ligt. De afgelopen decennia zijn veel mensen net over de grens in Duitsland gaan wonen vanwege de lagere woningprijzen daar. Wie op de kaart naar West-Europa kijkt, ziet dat Den Haag aan de rand ligt en niet Doetinchem.
  8. Wie in de bijstand zit, kan niet zelf een baan vinden. Ook heeft de bijstandstrekker moeite om het juiste loket te vinden om gebruik te maken van de regelingen waarop hij recht heeft (zie ook punt 1). Eenmaal bevrijd van regelzucht slaagt hij er echter prima in om zijn eigen boontjes te doppen, aldus claimen gemeentebestuurders die hiermee (en met een basisinkomen) willen experimenteren. Het is een opmerkelijke metamorfose die hier wordt gesuggereerd. In het verlengde hiervan ligt de selectieve omgang met financiële prikkels. Iemand in de bijstand een sanctie opleggen doen gemeenten niet, want mensen gaan daardoor niet eerder aan de slag. Een parkeerboete werkt wel en daarin steken met name de grote steden een grote hoeveelheid menskracht. Het veronderstelde belangrijke opvoedend effect werkt dan blijkbaar weer niet voor al die andere gevallen van toezicht en handhaving.
  9. Het verhogen van belastingen heeft niet of nauwelijks schadelijke gevolgen. Dit hangt samen met het idee dat wat de overheid doet, dat is wel gedaan. Alle retoriek over neoliberalisme, marktwerking, kaalslag en bezuinigingen ten spijt neemt de greep van de overheid en daaraan gelieerde en daardoor gefinancierde organisaties nog steeds toe. Niet alleen in absolute bedragen, maar ook als percentage van het nationaal inkomen. Belastingheffing leidt echter tot gedragseffecten. Mensen gaan zich richten op activiteiten die minder zwaar worden belast, steken geld en tijd in het zoveel mogelijk ontwijken van belasting betalen of proberen zich daaraan te onttrekken. Al die activiteiten leiden tot aantasting van de fundamenten van de economie. Dat merken we niet zo zeer als het goed gaat, zoals nu, maar op het moment dat de conjunctuur omslaat en de economie hierdoor juist extra achteruit gaat kachelen.
  10. De wereld verbeteren begint bij de gemeente: Van fairtrade tot (in het verleden) kernwapenvrije gemeenten. Elke gemeente heeft een eigen minimabeleid en partnersteden in het liefst een ver weg en onderontwikkeld buitenland. Symboolpolitiek in de vorm van regenboogzebrapaden en genderneutrale toiletten doen de rest. Een nieuwe beeldenstorm staat voor de deur. Elke grootse verandering begint met een eerste kleine stap, die wordt gezet door een verlichte en te vaak onbegrepen elite.