Sinds er in een aantal Franse gemeenten met instemming van premier Valls een verbod is ingesteld op de zogenoemde boerkini, is er ook in Nederland een debat losgebarsten over dit bewuste kledingstuk. Op sociale media werd het onderwerp op sommige dagen nog meer besproken dan de Olympische Spelen. Een bijna olympische prestatie voor een onderwerp dat zoals verwacht is geëindigd in een wedstrijdje ver plassen.

Jeroen Pauw probeerde er in zijn talkshow nog een serieus gesprek van te bakken, terwijl de Jonge Socialisten van de PvdA een heus zwemevenement organiseerden waarbij iedereen, met of zonder boerkini, welkom was. Een mooie gelegenheid om de wereld te laten zien dat je ontzettend deugt. Een JS-meisje wist ons zelfs te vertellen dat mensen die tegen boerkini’s pleiten ‘’racistisch’’ zijn. Een stelling die, ongeacht je positie in het debat, kant noch wal raakt.

Maar dit neemt niet weg dat een verbod op de boerkini een onliberale en bizarre maatregel is. In Frankrijk, maar ook in Nederland, worden ontzettend veel vrouwen door hun directe omgeving gedwongen om zich te bedekken vanwege hun islamitische geloof. Een verschrikkelijke situatie waarvoor geen pasklare oplossingen bestaan maar die wel moet worden aangepakt. Maar dit kan onmogelijk beantwoord worden met een verbod van overheidswege. Dwang vanuit de sociale kring is erg, maar dergelijke dwang vanuit de overheid is misschien nog wel veel erger.

Voorlopig dieptepunt in deze kwestie is een geval aan de kust van Cannes waarbij een vrouw door gewapende agenten werd gedwongen zich op het strand uit te kleden omdat zij gehuld was in een boerkini. Ook kreeg zij een boete. Ze had kunnen weten dat het dragen van de boerkini verboden was. Ze had er dan ook verstandig aan gedaan om iets anders aan te trekken of thuis te blijven, maar de manier waarop de politie het verbod handhaafde was buiten iedere redelijke proportie. Een overheid die mensen dwingt zich in het openbaar uit te kleden, is volstrekt verkeerd bezig en raakt aan de kern van iemands persoonlijke integriteit. Een onacceptabele gang van zaken.

In Nederland is geen sprake van een verbod op de boerkini en hier lijkt ook geen meerderheid voor gevormd te worden. Gelukkig maar; er zijn voor onze overheid genoeg echte problemen met de (extremistische) islam om aan te pakken. Maar veel mensen die ook in Nederland pleiten voor een verbod op het gewraakte kledingstuk lijken momenteel iedere aansluiting met de realiteit te verliezen. Er wordt gejuicht om een vrouw die zich op het strand uit moet kleden, terwijl men beweert op te komen tegen vrouwenonderdrukking. Een onbegrijpelijke en hypocriete gedachtegang.

Een boerkini is niet het probleem. Wie denkt dat de extremistische en terroristische vruchten van de islam een halt worden toegeroepen door mensen aan te pakken die ‘gewoon’ naar het strand willen, bedriegt zichzelf. Er zal geen aanslag minder gepleegd worden en er zal geen extremist minder te vinden zijn in westerse landen. Wel worden er mensen beperkt in hun individuele vrijheid en integriteit. Iets waartegen juist gestreden zou moeten worden in een open en westerse samenleving die we willen beschermen tegen onderdrukkende en extremistische elementen. Het verbod en de gewelddadige handhaving ervan raken juist aan de kern van onze westerse en liberale normen en waarden. Maar intussen wrijft men zich in de handen omdat men zichzelf voorhoudt dat ‘’de islam’’ een slag is toegebracht. Sneuer kan bijna niet.