Gisteren kreeg Paul Cliteur veel kritiek over zich heen naar aanleiding van zijn artikel over ‘occidentofobie’, haat tegen het Westen. Met name zijn pleidooi dat we dit in de toekomst beter zouden kunnen verbieden en strafbaar stellen riep een tsunami aan boze reacties op. Maar toen opeens riep historicus Geerten Waling het schijnbaar verlossende woord: het was ironie. Cliteur meende helemaal niet wat hij zei. Dat de mensen hem niet begrepen kwam omdat zij zo dom waren en Cliteur zo briljant, ofzo.

 

Toen ik de column voor een tweede keer las, nu goed, viel mij inderdaad op dat de slotalinea’s nogal ironisch geschreven waren, vanaf het kopje ‘Meldpunten voor occidentofobie’. Cliteur doelt hier wellicht op de meldpunten voor islamofobie waar hij als atheïstische polemist een verschrikkelijke hekel aan heeft. En ook heeft hij het over het opbellen van adverteerders, waarmee hij zonder twijfel doelt op de actie van de feministen tegen GeenStijl. Heel lollig vind ik deze grollen niet, maar dat zal mijn persoonlijke smaak wel zijn.

Als Cliteur de rest van zijn verhaal had weggeknipt en vanaf het kopje over de meldpunten met zijn column was begonnen was het voor bijna iedereen – in ieder geval de geleerde, zeer geleerde en hooggeleerde lezers – volstrekt duidelijk dat het om ironie ging. Het probleem is: Cliteur is in het beginstuk van zijn verhaal, dat zo’n 75% van het geheel uitmaakt, totaal serieus. Ook verwijst hij naar een eerder verhaal van zijn hand op TPO dat gewoon een serieus betoog is.

Dat veel lezers, ook hooggeleerde, geloofden dat Cliteur serieus betoogde dat haat tegen het Westen verboden moet worden komt omdat de hoogleraar encyclopedie van de rechtswetenschap plotseling overspringt op ironie, zonder de lezers een soort van waarschuwing te geven. De professor verandert in een paljas en je hebt dat niet of te laat door. Een soort van literair trompe-l’œil-effect, als we Geerten Walings interpretatie volgen for the sake of argument.

Maar wat zou Cliteur met zijn ironie willen bereiken? Dat meldpunten voor islamofobie stom zijn alsmede de wens van radicale moslims om kritiek op de islam te verbieden. En wellicht ook dat sommige linkse mensen hier – in de naam van politieke correctheid – veel te gemakkelijk in mee gaan? Welnu, ga daar dan een serieus betoog over schrijven. Of een goede parodie (hier een goed voorbeeld). Maar die mengvorm is een miskleun. Want een grap is nou niet bepaald geslaagd als mensen zich opeens gaan afvragen of je niet eigenlijk een cryptofascist bent.

Roel Sint

 

Afbeelding: Wikipedia / Wikimedia Commons