De Aramese Federatie veroordeelt in de scherpste bewoordingen de recente confiscatie van 50 kerken, kloosters en begraafplaatsen in de provincie Mardin (Turkije). De voorzitter van de Aramese Federatie Johnny Shabo spreekt van een ernstige schending van de mensenrechten.

Nadat Mardin een grootstedelijke gemeente werd (Büyükşehir belediyesi), verkregen de dorpen in de buurt van Mardin de status van wijken. Hierdoor werden deze dorpen verbonden aan de het provinciaal bestuur. Het provinciaal bestuur van Mardin heeft het eigendom van 50 kerken, kloosters en begraafplaatsen via een speciaal comité (Tasfiye ve Paylaştırma Komisyonu) overgedragen aan het Ministerie van Financiën. Het Ministerie van Financiën heeft het eigendom van deze kerken, kloosters en begraafplaatsen vervolgens overgedragen aan het Turkse presidium voor godsdienstzaken (Diyanet). Het speciaal comité heeft het beroep tegen dit besluit verworpen.

In het oostelijke deel van de provincie Mardin hebben Arameeërs al decennialang te maken met confiscatie van bezittingen. De drieduizend Arameeërs die daar nog altijd wonen hebben momenteel te maken met ruim 300 rechtszaken die betrekking hebben op confiscatie van bezittingen. Zo werd meer dan 95% van het onroerend goed in het Aramese stadje Beth Zbadai (Idil) geconfisqueerd. Tot 1915 vormden de Arameeërs de meerderheid in deze regio. In 1915 werd er genocide gepleegd op Armeniërs, Arameeërs en andere christelijke minderheden. 70% van de Aramese inwoners van het Ottomaanse rijk werden op een gruwelijke wijze vermoord.

 

 

Zie ook: 

Afbeelding:  © Mardin Museum