Het feit dat Noord-Korea nu over een waterstofbom lijkt te beschikken (de aardbeving van 6,2 op de schaal van Richter die de recente kernproef veroorzaakte laat daar geen twijfel bestaan) en deze, gemonteerd op een ICBM over de Grote Oceaan richting de Verenigde Staten kan afvuren, is niet alleen een ‘game changer’ maar betekent ‘game over’ volgens een hoogleraar nuclear engineering Kune Y Suh in Seoul.

Het is met de beste wil van de wereld moeilijk om een positief aspect te zien van het feit dat Noord-Korea nu een kernmacht extraordinaire is. Het enige wat je zou kunnen bedenken is dat het zichzelf daardoor veiliger en zekerder voelt, en daarom minder snel geneigd is te denken dat de VS een preventieve aanval uitvoeren, wat er op zijn beurt weer voor zorgt dat ze afzien van een preventieve verdediging van die preventieve aanval. Met andere woorden: klassieke nucleaire diplomatie en ingewikkelde psychologie zoals we die uit de Koude Oorlog kennen.

De ambassadrice voor de VS bij de Verenigde Naties, Nikki Haley, heeft vandaag gezegd dat Noord-Korea ‘smeekt om oorlog’ (Weekblad Elsevier pakt dit soort dingen onmiddellijk op met de hysterische kop ‘Amerika slaat alarm’). Ze legt de jonge dictator uit dat ‘nucleaire machten hun verantwoordelijkheden begrijpen’ waarbij ze impliciet veronderstelt dat het Kim’s ambitie is om zich aan dezelfde morele atoomstandaarden te houden als Rusland, Frankrijk, het VK, China en de VS. Ik vraag me af of Nikki het principe van nucleaire diplomatie zelf niet begrijpt, of dat ze ervan uitgaat dat de Noord-Koreanen er niet toe in staat zijn.

Het regime wil maar een ding: overleven. En daarvoor heeft het geld nodig, waarvan het als kleine economie een buitenproportioneel groot gedeelte in zijn atoomprogramma denkt te moeten investeren omdat het angstig naar het lot van collega-dictators zoals Saddam en Gaddafi kijkt, die nooit kernwapens hebben gehad.

Haley stelt dat de tijd van ‘halve maatregelen’ over is en herhaalde in iets realistischere bewoordingen dan Trump dat de ‘VS heel goed zal kijken naar de landen die handel voeren met Noord-Korea’. Trump had getwitterd dat hij deze landen allemaal zou boycotten, een idioot idee omdat het China (90% van Noord-Korea’s internationale handelsvolume) zou treffen, verreweg de grootste exporteur naar de VS en na Canada en Mexico de grootste afnemer van Amerikaanse producten.

Het is jammer dat Haley en Trump niet een van de grootste bronnen van Noord-Koreaanse inkomsten expliciet noemden: de naar schatting 200.000 Noord-Koreaanse arbeiders die in vele landen ter wereld te werk zijn gesteld (we zouden het moderne slavernij moeten noemen) en hun inkomsten linea recta of via staatsbedrijven naar het regime sturen. Ook in de EU, met name in Polen, werden deze lucratieve deals tot dusver oogluikend toegelaten, hoewel het uiteraard in strijd is met de Europese Mensenrechten. De Nederlandse Korea-expert Remco Breuker heeft een task force opgericht die daar uitgebreid onderzoek naar heeft gedaan. Hij schat dat de dwangarbeiders ongeveer een miljard dollar per jaar opleveren voor het regime – geld dat kan worden besteed aan raket- en kernproeven.

In oktober is het 55 jaar geleden dat de Cubacrisis plaatsvond en de wereld zijn adem inhield. We kunnen slechts hopen dat de heren Trump en Kim Jong-Un tenminste doen alsof ze het kaliber van een Kennedy en een Chroesjtsjov hebben.

 
Afbeelding defense.gov