Vandaag in het verleden: op 2 juli 2008 werd de Colombiaanse politica Ingrid Betancourt na zes jaar gevangenschap bij de FARC bevrijd door het leger. 

De Groene politica was op het moment van haar ontvoering kandidaat voor de Colombiaanse presidentsverkiezingen. Ironisch genoeg had ze vlak voor de dramatische gebeurtenissen juist toenadering gezocht tot de FARC. Haar ontvoering was dan ook voor velen het bewijs dat er met de FARC simpelweg niet gesproken kon worden. Pas jaren later zou er dan ook een voorzichtig vredesakkoord gesloten worden. In een referendum werd dat echter door een meerderheid van de bevolking afgekeurd.

Terug naar Betancourt: na haar vrijlating maakte zij zich in eigen land niet overal populair. Zo eiste ze een schadevergoeding van Colombiaanse regering om het leed dat haar en haar naasten was overkomen te compenseren. De regering en veel Colombianen waren daar begrijpelijkerwijs niet van gediend; het was juist de staatsvijand, de FARC, die haar dit leed had aangedaan. Betancourt kreeg nul op haar rekest.

Afgelopen weken was Nederland in de ban van de ontvoering van Spoorloos-presentator Derk Bolt en zijn cameraman. Zij werden van hun vrijheid beroofd door een andere extreemlinkse en militante organisatie in Colombia: de ELN. De FARC is inmiddels vredelievender geworden, maar de kleinere ELN is nog altijd gewelddadig actief. Negen jaar na de vrijlating van Betancourt is Colombia een stuk veiliger; maar het definitieve einde van de linkse gewapende strijd is nog niet in zicht.

 

Afbeelding: Wikimedia Commons