Jean-Pierre Geelen pleit in de Volkskrant voor een rechtse fatsoenspolitie die PowNed, GeenStijl en TPO corrigeert. Dat gaat te ver. Maar meer beschaving is een goede zaak. 

 

Het misselijkmakende artikel op PowNed, waarin er ‘lollig’ werd gedaan over een 16-jarige Syrische jongen die verdronk in een Nederlands zwembad, heeft terecht veel woede opgeroepen. En er is inderdaad intellectuele armoede op rechts, waar columnisten en journalisten heel hard hun best doen om nog extremere uitspraken te doen. Maar een fatsoenspolitie, waar Jean-Pierre Geelen vandaag voor pleitte in de Volkskrant, gaat echter veel te ver. Zoals links zichzelf moet verlossen uit de verstikkende wurggreep van de Identity Politics, zo moet rechts zichzelf opnieuw beschaven.

Dat een groot deel van de rechtse media gekozen heeft voor de brede weg van de reviaanse ironie is trouwens goed te begrijpen. In de Nederlandse media zijn linkse moralistische meningen nogal dominant. Humor is een krachtig wapen om de hypocrisie en dubbele standaarden van linkse moraalridders te ontmaskeren. Maar helaas wordt humor, of een slechte poging daartoe, ook gebruikt om de meest naargeestige nonsens te debiteren.

Annabel Nanninga gebruikte het begrip ‘dobbernegers’ aanvankelijk nogal vertederend – de arme stakkers die op de Middellandse Zee dobberen – maar het wordt nu door de PVV en anderen gebruikt als scheldwoord om Afrikaanse migranten als minderwaardige mensen weg te zetten die een bedreiging voor ons zouden vormen. En, ik steek even mijn hand in eigen boezem, het begrip ‘zitplasser’ dat ik twee jaar geleden had bedacht om de empathische en linkse mannen van tegenwoordig als ‘vrouwtjes’ weg te zetten, werd door een lokale PVV-politicus gebruikt in een complottheorie over omvolking. Ik schrok daar zo van dat ik het begrip nu niet meer gebruik. Het vertederende – zo’n pappa met een bakfiets heeft ook iets liefs – gaat helemaal verloren als wat minder verfijnde lieden er met je ironie vandoor gaan.

De PVV maakt trouwens ook allemaal nieuwe woorden die zogenaamd humoristisch zijn, maar waar niets liefs aan is: kopvoddentax, bedrijfspoedel, asieltsunami enzovoort. De PVV wil mensen dehumaniseren. De zogenaamde PVV-ironie is grimmig. En achter die grimmigheid zit een heel naar wereldbeeld, dat door een niet onaanzienlijk deel van het rechtse electoraat helaas gedeeld wordt.

In de Verenigde Staten maakt de Alt-Right bovendien gebruik van zogenaamde ironie. Denk aan de groene kikker Pepe, die als n*ger of jood wordt getekend om racisme en antisemitisme te legitimeren. Hoewel Pepe oorspronkelijk een onschuldig symbool was, net als de prinsenvlag en het hakenkruis (boeddhistisch symbool), heeft extreemrechts het symbool gekaapt en voorgoed verpest. Een ander voorbeeld zijn nogal extreme cartoons van Ben Garrison, een libertarische tekenaar die in allerlei linkse complotten gelooft, worden door zijn Alt-Right-fans racistisch en antisemitisch gemaakt. Ik vind de cartoons van Garrison drie keer niks, maar Alt-Right-activisten maken ze online nog naargeestiger.

De grens tussen humor en grimmigheid is helaas soms dun. Hypocrisie ontmaskeren is een ding, maar zogenaamde humor gebruiken als wapen om racisme en andere haat te promoten is heel wat anders. Meer zelfreflectie en zelfspot is nodig. En meer beschaving. Humor, goede humor, is subtiel, verfijnd, sophisticated, zoals de Britten zeggen. Er valt nog veel te doen.