De Groene Amsterdammer, het oudste nog bestaande opinieblad van Nederland, zoekt naar een journalist van kleur. Net als De Correspondent doet het progressieve weekblad feitelijk aan positieve discriminatie en trekt ‘niet-witte’ mensen voor.

 

Progressieve mode

Met de tekst ”De Groene Amsterdammer’ zoekt kleur’ bedoelt het blad uiteraard dat men een allochtone kandidaat zoekt, die we tegenwoordig – heel politiek-correct en heel UvA – een Nederlander ‘van kleur’ noemen. De zin ‘Wij vragen nadrukkelijk aan journalisten met een biculturele achtergrond om te reageren’  laat ook weinig aan de verbeelding over. Dit is uiteraard geen discriminatie in de strikte zin van het woord, omdat in principe iedereen kan reageren. Ook kun je het begrip ‘biculturele achtergrond’ breed en neutraal opvatten, zodat ook Nederlanders met een strikt-reformatorische achtergrond, Duitse Nederlanders, enzovoort enzovoort hieronder vallen. Maar de goede verstaander weet natuurlijk beter. De Groene wil, als hét blad van de Grachtengordel, met alle progressieve modes meedoen. Een van die modes is dat mensen van kleur (lees: zwarte en islamitische Nederlanders) een voorkeursbehandeling moeten krijgen omdat ze volgens het progressieve narrative immers altijd en overal gediscrimineerd worden.

Uiteraard ontken ik niet dat er op de arbeidsmarkt discriminatie van mensen van ‘kleur’ bestaat, maar in de journalistiek is vaak het tegenovergestelde aan de hand. Juist deze mensen krijgen in de media overal een podium. Denk hierbij aan Hanina Ajarai (ik moest haar naam even zoeken via Google) en tuigvlogger Ismail Ilgun die schrijven voor het Algemeen Dagblad, Seada Nourhussen van Trouw en menig boze columnist bij de Joop, waaronder uiteraard Anna Steijn en Quinsy Gario. Het ‘witte schuldgevoel’ van de progressieven heeft tot gevolg dat er allerlei derderangs auteurs opeens op het schild worden geheven die van hun kleur hun verdienmodel hebben gemaakt. Het is in de mode om mensen van ‘kleur’ positief te discrimineren. Je laat hiermee zien dat je heel goed en dus progressief bent, dat je tot de ‘Verlichte’ Grachtengordelelite behoort. En daar gaat het uiteindelijk om.

 

Hoogopgeleide, kosmopolitische Limburgers

Een veel betere methode om discriminatie tegen te gaan is om mensen echt gelijke kansen te geven. Dan krijg je ook geen scheve gezichten als een derderangs auteur weer de zoveelste tirade over ‘witte mannen’ begint of rondstrooit met andere modieuze progressieve begrippen uit de UvA-grabelton. En dat je discriminatie op de arbeidsmarkt tegengaat, bijvoorbeeld door hier echt onderzoek naar te doen (geen idee trouwens of dit al gebeurd is, het is niet mijn specialisme), in plaats van met vage theoretische leuterverhalen te komen of institutioneel racisme zonder enige feitelijke onderbouwing in de werkelijkheid. En ten slotte zouden journalisten eens moeten kijken naar de minderheden die we nooit horen omdat ze buiten Amsterdam wonen. Denk aan reformatorische christenen, Marokkanen uit Enschede (ruim twee uur reizen), brabon*gers en hoogopgeleide, kosmopolitische Limburgers die niet op de PVV stemmen.

Meer goede journalisten van kleur, daar is uiteraard helemaal niks mee. Maar positieve discriminatie werkt contraproductief en houdt het progressieve paternalisme – je hebt je baan te danken aan ons, de witte culturele elite – in stand.