Joden gaan tegenwoordig onherkenbaar over straat, uit angst voor antisemitische agressie. Hoe bang zijn onze moslims eigenlijk voor vergelijkbare bedreigingen?

Gisteren las u op Jalta het onthullende verhaal over jodenhaat in Nederland. De cijfers veroorzaakten de nodige politieke ophef: de SGP vroeg minister Opstelten om een Kamerbrief over de kwestie. Opmerkelijkste feit: de dreiging komt volgens het CIDI maar liefst voor tweederde uit islamitische hoek. Bart Schuts artikel maakt duidelijk dat we met een serieus probleem te maken hebben. Maar hoe zit het eigenlijk met moslimhaat in Nederland?

Er is de afgelopen jaren een aantal incidenten gemeld. Republiek Allochtonië plaatstedit lijstje van aanvallen op moskeeën. Een onverkwikkelijke opsomming van brandstichtingen, dode beesten voor de deur en hatelijke leuzen. Laag-bij-de-grondse wandaden, gepleegd door lieden met bijzonder weinig achting voor onze grondwettelijke rechten. Duindorp liet zich van een bepaald intolerante kant zien afgelopen zomer. Geert Wilders wordt vervolgd voor zijn ‘minder minder minder’-uitspraak, en hoewel hij minder Marokkanen eiste en niet minder moslims, zou dit zomaar hebben kunnen bijdragen aan het gevoel van veel moslims dat zij gediscrimineerd worden. Okay Pala, voorman van de kalifaat-nastrevende internationale groep Hizb ut-Tahrir, voert actie tegen minister Asschers anti-Jihadplannen omdat hij dit maatregelenpakket discriminerend vindt voor alle moslims.

“Als we de termen ‘antisemitisme’ en ‘islamofobie’vergelijken valt meteen op dat wie joden haat ‘anti’ joden is en wie een afkeer van de islam heeft, lijdt aan een‘fobie’. De jodenhater is gemeen, de islamhater is psychisch ziek.”

Syrische burgeroorlog

Ook geweldsincidenten tegen personen vonden plaats, maar daar is de anti-moslim component lastiger vast te stellen. De zaak van de vermoorde Turk Aziz Kara bijvoor-beeld, was dat een burenruzie, of etnisch/religieus geweld? De mevrouw met niqaab die mishandeld zou zijn leek een regelrechte hoax en ook de mishandeling van een gehoofddoekte mevrouw in Eindhoven riep vraagtekens op. Dan is er nog de groep veelal jonge moslims die het optreden van Israël in de Gazastrook ziet als een anti-islamitische aanval, gericht tegen elke moslim wereldwijd. Het Schilderswijkse Comité Herstel van Vertrouwen hekelt de Haagse politie om haar vermeende ‘racial profiling.’

Hoewel het enorm zou schelen als iedereen gewoon ophield elkaar fysiek danwel ver-baal te bedreigen – de comments op om het even welk internetforum of social media-platform lijken over en weer soms wel een soort virtuele Syrische burgeroorlog – is er wel iets opvallends aan het geweld tegen moslims in Nederland.

Bedreiging hoofdzakelijk uit eigen kring

Islamitische vrouwen hebben het meest te vrezen van hun geloofsgenoten

Islamitische vrouwen hebben het meest te vrezen van hun geloofsgenoten

Er zijn naar schatting één miljoen moslims in Nederland. Hoewel deze groep zeker veel kritiek te verduren krijgt, lijkt er van structurele bedreiging of discriminatie geen sprake. Islamitische panden worden, in tegenstelling tot joodse, niet extra bewaakt. Waar joden zichtbare herkenningstekens maar liever niet meer dragen, is er geen moslim(a) die zijn/haar kleding hoeft aan te passen om veilig over straat te kunnen. Er is regelmatig ophef over hoofddoekjes, als een werkgever weigert iemand die er eentje draagt in dienst te nemen. Maar de bedreigingen voor moslima’s komen meestal uit eigen kring: vrouwen en meisjes worden niet zelden scherp in de gaten gehouden door hun families of zij hun hoofddoek wel dragen, en de Marokkaanse Elou Akhiat die een wijnbar opende kreeg het zwaar voor haar kiezen met woedende reacties van moslims. Sowieso hebben islamitische vrouwen het meest te vrezen van hun geloofsgenoten: opsluiting in huis, achterlating in het thuisland, gedwongen huwelijken en eerwraak zijn geen acties van rabiate moslimhaters.

Moslims in Nederland hebben weinig te duchten van hun niet-islamitische medemens. Ondanks het feit dat veel niet-islamitische Nederlanders geen al te rooskleurig beeld hebben van de islam, na de nodige aanslagen, dreigementen, antisemitische uitingen, radicalisering, anti-westerse sentimenten, religieus geïnspireerde homo- en vrouwenhaat en openlijke steun aan terroristische organisaties door sommige moslims. Toch is er inmiddels een hele industrie van verongelijkten die iedere kritiek op de islam omschrijft als ‘islamofobie’.

Islamcriticus is ‘psychisch ziek’

Als we de termen ‘antisemitisme’ en ‘islamofobie’ vergelijken valt meteen op dat wie joden haat ‘anti’ joden is en wie een afkeer van de islam heeft, lijdt aan een ‘fobie’. De jodenhater is gemeen, de islamhater is psychisch ziek. Misschien komt dit doordat ‘is-lamofobie’ een containerbegrip is voor veel meer dan enkel een ongegronde haat tegen een bepaalde bevolkingsgroep. De afkeer van de islam is zeer goed te rechtvaardigen, de term anti-islam laat bovendien weinig ruimte voor slachtofferschap en dadervervolging. Een ‘semiet’ is een persoon, ‘islam’ is een idee. En ideeën mag men bestrijden, individuen niet. De ijver van beroepsslachtoffers en politiek correcte wetenschappers als Ineke van der Valk, die pleiten voor het strafbaar stellen van islamofobie, is domweg gevaarlijk.

Discriminatie op grond van ras of geloof is al verboden, personen of gebouwen belagen ook. Islamofobie strafbaar stellen is de facto het strafbaar stellen van kritiek op een idee. Gezien de schokkende cijfers omtrent antisemitisme zou onze prioriteit de veiligheid van joden moeten zijn. Het beschermen van de zeer vitale en tamelijk agressieve ideologie ‘islam’ kan prima worden overgelaten aan de aanhangers daarvan. En van moskeeën en moslims blijven we uiteraard af, wij bestrijden ideeën en geen mensen of gebouwen. Wij niet.